|
|
|
|
De
Abdij
|
|
|
|
Abdijkerkhof
| Abtskwartier
| Bezinningscentrum
| Boekhandel
| Conventsgebouwen
|
|
Historiek
v/v kerk |
Kerkinterieur
| Pastorie
| Poortgebouw
| Poortzalen
| Uitgeverij
|
|
|
|
De
Norbertijnenabdij te Averbode, 013/ 78 04 40
Het
voorplein en de abdijkerk zijn vrij toegankelijk.
Website:
www.abdijaverbode.be
Gebedsvieringen
in de abdijkerk
-
Morgengebed: 07.00 (zat., zon- en feestdagen: 07.30) met Nederlandse
gezangen.
-
Eucharistieviering: 11.45 (zon- en feestdagen: 11.00) met Gregoriaanse
en/of Nederlandse gezangen.
-
Vespers (avondgebed): 18.00, met Gregoriaanse en/of Nederlandse gezangen.
Zondagsbezoeken:
-
Elke zondagnamiddag om 15.00 u kunnen individuele bezoekers deelnemen aan
een abdijbezoek.
In zaal Antwerpen (voorplein) wordt eerst de abdijfilm getoond en daarna
begeleidt een abdijgids een rondleiding. Duur: ± 1u30
Prijs volwassenen: € 2,00.
Geleide
bezoeken aan de Norbertijnenabdij te Averbode kunnen steeds
aangevraagd worden bij:
Dienst
Toerisme Scherpenheuvel-Zichem
Basilieklaan
16, 3270 Scherpenheuvel-Zichem
Tel.
013/ 77 20 81
Fax. 013/ 78 25 54
toerisme@scherpenheuvel-zichem.be
*
* * * * * *
|
|
|
Het abdijkerkhof
Het kerkhof van de abdijgemeenschap ligt naast de abdijkerk. Voorheen
was dit het kerkhof van de parochie Averbode. Tot 1871 werden de
confraters immers in de pandgang begraven. Enkele data:
1803,
Averbode wordt erkend als succursale kerk en de plaats van het huidige
abdijkerkhof wordt aangewend als begraafplaats.
1871,
Vanaf nu worden ook de confraters op dit kerkhof begraven, omdat het
bij wet verboden is om binnenshuis doden te begraven.
August Van Aerschot uit Herentals maakt het ijzeren hekken dat rond het
kerkhof wordt geplaatst.
1873,
Er wordt een ijzeren kruisbeeld op het kerkhof geplaatst. Het is een
afgietsel van het Christusbeeld dat in de abdijrefter hing. Ook dit
kruis wordt gegoten door Van Aerschot.
1950,
Op 30 juli wordt het nieuwe parochiekerkhof, gelegen langs de
Herseltsebaan, ingewijd door pastoor Van der Waeren. Vanaf nu is het
kerkhof naast de abdijkerk uitsluitend bestemd voor de confraters.
1952,
Door toedoen van prior Verheggen worden er in de maand februari
marmeren kruisjes geplaatst op de graven van de confraters. Een plaat
vermeldt de naam en hun laatste functie, de data van geboorte, professie,
de eventuele priesterwijding en overlijden. Voordien stonden er slechts
houten kruisjes op het kerkhof.
1972,
De stenen zerken van de graven van de parochianen worden weggenomen.
1981,
Geheel het kerkhof wordt opnieuw aangelegd.
Op het kerkhof vinden we ook het graf van Ernest
Claes (+ 1968) en zijn vrouw Stefanie Vetter (+ 1974). In de rij
langs de straat kan men het graf zien van pater Daniël
Omer De Kesel, alias Nonkel Fons.
*
* * * * * *
|
|
top
|
|
|
Het abtskwartier en de afsluitmuur
Het abtskwartier
Tegenover de zwierige en zware Vlaamse Barok van de kerkgevel steekt
de eerder strenge Franse stijl van het abtskwartier wel enigszins af.
Deze vleugel (1713-1732) was eertijds kamerlingskwartier. Nu is het de
zetel van de administratie van de abdij. Sedert de 19de eeuw is het
abtswoning. De volledige afwerking van deze vleugel gebeurde in 1734.
Vermeldenswaard in deze vleugel is de 'lederen zaal' een vertrek waarvan
de muren bekleed zijn met beschilderd leer.
De afsluitmuur
Deze
muur werd gebouwd in 1735 onder abt F. van den Paenhuysen.
*
* * * * * *
|
|
top
|
|
|
Het bezinningscentrum
Voor bezinning, vorming en ontmoeting kunnen groepen verblijven in het
Bezinningscentrum, dat zich bevindt in een vleugel van de abdij. De
deelnemers beschikken over een eigen kamer, de ruime ontspanningszaal en
de kapel. Het auditorium kan eveneens worden aangewend. Het
Bezinningscentrum beschikt over 29 kamers waarvan 11 voorzien zijn van
een tweede bed. Voor klasgroepen wordt de capaciteit beperkt tot 29
personen. Andere groepen tellen maximaal 40 personen. Van alle groepen
wordt een fundamenteel respect verlangd voor de religieuze sfeer in de
abdij en de gemeenschap die haar bewoont.
Het Bezinningscentrum richt zelf
activiteiten in. Gedurende het schooljaar ontvangen we klasgroepen voor
bezinningsdagen. Daarnaast worden bezinningsweekends, retraites en
vormingsdagen georganiseerd.
Groepen kunnen het Bezinningscentrum afhuren voor een weekend of voor
maximaal zeven dagen. Ook groepen die één dag bezinning verlangen,
komen in aanmerking. Men kan zelf in begeleiding voorzien of begeleiding
vragen aan de directie van het Bezinningscentrum. De bezinnings- of
vormingsactiviteiten dienen te passen binnen het kader van de abdij. Een
groep is slechts aanvaard na schriftelijke aanvraag en nadat een
ondertekende overeenkomst is teruggestuurd naar het Bezinningscentrum.
De kostprijs wordt berekend op basis van de algemene verblijfskosten in
de abdij.
Voor
alle informatie wende men zich tot één van de medebroeders die
verantwoordelijk zijn voor het Bezinningscentrum: Filip Noël, Jan
Geerts en Filip Vermeire.
*
* * * * * *
|
|
top
|
|
|
De boekhandel
In 1734 werden de paardenstallen door een bogengalerij met de kerk
verbonden en vormden het koetshuis. Voordien liep er een weg tussen de
kerk en de paardenstallen, over het huidige kerkhof, wellicht naar de
weilanden en bossen. Sinds 1952 is hier de abdijboekhandel ondergebracht.
Deze boekhandel is elke dag geopend van 10.00 uur tot 12.00 uur en
van 13.00 uur tot 17.30 uur. Op zaterdag en zondag blijft de winkel
geopend tot 18 uur. In de winterperiode is de boekhandel op vrijdag
gesloten, behalve in de maand december.
*
* * * * * *
|
|
top
|
|
|
De conventsgebouwen
De conventsgebouwen, dit zijn de gebouwen die als woonplaats in
gebruik zijn door de kloostergemeenschap, werden vernieuwd in 1712-1716.
De statige oostvleugel met sacristie, kapittelzaal en recreatiezaal kwam
tot stand in 1739 -1744, volgens de plannen van broeder Gregorius
Godissar. De andere nog bestaande gebouwen rondom de abdij werden
opgetrokken of verbouwd in de 18de eeuw, zoals de paardenstal en het
armenhuis naast de poort (1734), het voormalige koetshuis (1734), nu
boekhandel, en de dienstgebouwen vanaf de pastorie tot aan de schuur.
Deze schuur werd in 1854 aangepast. De abdijgebouwen werden tijdens de
Franse Revolutie verkocht aan vier burgers, die ze gedeeltelijk afbraken
om met de opbrengst van de verkoop van de bouwmaterialen de aankoopsom
bijeen te brengen. Een vierde deel, met o.a. de kerk bleef aan de staat.
In 1802 kon medebroeder Ignatius Carleer de drie andere delen terug
kopen. Enkele medebroeders zijn daarop naar de abdij teruggekeerd.
Pas na de Belgische onafhankelijkheid was het hernemen van het
religieuze leven niet langer wettelijk verboden. In 1834 waren voor
Averbode alle voorwaarden vervuld. Van de 12 overlevende leden van de
abdij van vóór de Revolutie, keerden er vijf terug. Vier nieuwe
kandidaten werden aangenomen. Het regelmatige kloosterleven herbegon.
Omwille van de beperkte financiële middelen van de nieuwe gemeenschap,
zou de heropbouw van de abdij slechts langzaam vorderen. Onder prelaat
G. Crets (o1858 - + 1944), die abt van Averbode was van 1887 tot 1942,
kregen de abdijrefter en de bibliotheek een meer definitieve inrichting
en werden de voorgevel van de kerk en het poortgebouw gerestaureerd.
Omstreeks 1930 liet deze abt op de fundamenten van een afgebroken 18de
eeuwse vleugel een nieuw gebouw optrekken om zijn alsmaar groter
wordende gemeenschap te kunnen huisvesten.
Op 29 december 1942 werd door een brand het ganse centrale
abdijcomplex - op de kerk, de sacristie, de kapittelzaal en de pandgang
na - grondig vernield. Onmiddellijk startte de wederopbouw, volgens de
plannen van architect F. Vandendael uit Heverlee. Hierbij werd de tweede
verdieping geheel uitgebouwd en een nieuwe vleugel werd toegevoegd als
retraitehuis. Pas omstreeks het midden van de jaren '60 was de heropbouw
voltooid.
*
* * * * * *
|
|
top
|
|
|
Historiek van de Kerk
De eerste steen van het huidige kerkgebouw werd gelegd
op 31 juli 1664. De werken schoten vrij goed op, maar in de nacht van 15 op 16
januari 1665 stortte één van die vier pijlers, die het centrale gewelf
ondersteunden, neer. In zijn val sleurde hij een deel van de gewelfbogen mee.
Kort daarna bezweken nog twee andere pijlers, en men was verplicht ook de
vierde neer te halen. Men herbegon met degelijker materiaal en einde 1670
stond het ganse gebouw onder dak. Op 11 juli 1672, het feest van Sint-Norbertus, kon de kerk voor het eerst worden gebruikt.
De architect van de barokke abdijkerk is Jan van den Eynde. De kerk werd
gebouwd onder het abbatiaat van Servaas Vaes (1647-1698).
De toren werd pas afgewerkt in 1700. Tot aan de Franse Revolutie herbergde
hij een beiaard van 36 klokken. In 1819 verhuisde deze beiaard naar de grote
kerk van Hoei.
In de jaren 1968-1978 werd de buitenzijde van de kerk en de toren volledig
gerestaureerd. De binnenrestauratie werd aangevat in februari 2000. Het einde
is voorzien rond eind 2002.
Op de toren wijst geen haan de windrichting aan maar wel een verguld lam
met wimpel, het heraldische embleem van de abdij.
*
* * * * * *
|
|
top
|
|
|
Kerkinterieur
De binnenruimte van de kerk valt op door de
eigenaardige constructie. Het lijkt wel een omgekeerd kruis. De kerk werd
gebouwd als abdijkerk, dus met het hoofdaccent op het koorgedeelte. Het
beeldhouwwerk aan de witte muren, danken we aan de beeldhouwers Jan van den
Steen, Jan van den Eynde en Antoon Stijnen.
Het koorgestoelte werd in 1673 voltooid. Engelenkopjes sieren de leuningen van
de tweeënzeventig koorplaatsen. In de grote nissen van het rugpaneel staan
heiligen en zaligen uit onze eigen norbertijnenorde. Tussenin prijken engelen,
die de passietuigen van Christus dragen. Weinige plekjes werden onbenut
gelaten door de fantasie van de beeldhouwers. De dwarsbeuk van de kerk wordt opgeluisterd door twee hoogopgebouwde
altaren, toegewijd aan respectievelijk Sint-Norbertus, de stichter van onze
orde, en Sint-Jan de Doper, patroon van Averbode. De altaren van Onze-Lieve-Vrouw en van het Heilig Hart in het centrum van
de kerk, zijn toevoegingen van 1894 en 1899. Het Mariabeeld wordt vereerd door
de plaatselijke bevolking en door vele pelgrims. Rond deze Lieve-Vrouw van het
Heilig Hart groeide trouwens de gelijknamige aartsbroederschap. In 1910 werd
het beeld in naam van Paus Pius X plechtig gekroond door Kardinaal Mercier.
Deze aartsbroederschap is de bakermat geweest van de ganse pers- en
drukactiviteit van Averbode en van vele apostolaatswerken van de abdij sinds
het einde van de vorige eeuw.
Het huidige grote orgel is een schepping van Hippoliet Loret uit Laken. Hij
werkte eraan van 1854 tot 1861. Met zijn vierenzestig spelen, vier klavieren
en pedaal is het een merkwaardig voorbeeld van de orgelbouwkunde in de
romantische periode. Bovendien is het nog volledig in zijn oorspronkelijke
staat. Momenteel is het echter dringend aan een grondige restauratie toe.
In het rechtertransept werd in 2001 een nieuw orgel geplaatst door
Verschueren Orgelbouw uit Heythuysen. Het betreft een tweeklaviers orgel met
25 registers en pedaal.
*
* * * * * *
|
|
top
|
|
|
De pastorie
De muurankers vormen het jaar 1651, datum van een restauratie. Oude
documenten spreken van een verblijf voor personeel. Sinds 1732 was dit
het provisorenhuis, de woonplaats van de econoom van de abdij.
Vandaag doet dit huis dienst als woonplaats van de parochiepriesters van
Averbode en dit sinds 1797.
Door de
Franse Revolutie werden immers de meeste kloosters en abdijen
opgeheven. Ook de gemeenschap van Averbode werd uit haar abdij gezet.
Drie religieuzen mochten blijven wonen in het provisorenhuis om de kerk
te bedienen die - op vraag van de plaatselijke bevolking - als
parochiekerk werd opengehouden.
*
* * * * * *
|
|
top
|
|
|
Het poortgebouw
Het grote poortgebouw is opgetrokken in
bruine ijzerzandsteen, typisch voor de demerstreek. Minstens de ruwbouw
dateert van de veertiende eeuw.
De voorgevel werd gerestaureerd in 1910. De nissen werden in 1912 terug
verrijkt met beelden. Naast Onze-Lieve-Vrouw met het Kind bemerk je er
de heiligen Catharina, Johannes de Doper, Petrus, Paulus en Laurentius.
Boven de kleine deur troont de heilige Gummarus, patroon van de
toenmalige abt.
Rechts van de poort is het `armengat' de laatste getuige van de
middeleeuwse milddadigheid.
Het gehele poortgebouw werd opnieuw gerestaureerd, nu ook de achtergevel,
in 1989.
In de achtergevel in een nis boven de grote boog prijkt een afgietsel
van het beeld van een laat-gotische Moeder van Smarten. Het originele
houten beeld werd in 1963 gerestaureerd en wordt sindsdien bewaard
binnen in de abdij.
*
* * * * * *
|
|
top
|
|
|
De poortzalen
Deze oude paardenstallen voor bezoekers werden gerestaureerd
(1976-1982) en omgebouwd tot twee grote ontvangstzalen voor
bijeenkomsten en tentoonstellingen. Samen met de zaal boven de poort,
dragen zij de namen van de drie provincies die elkaar in Averbode raken:
Limburg, Antwerpen en Brabant.
*
* * * * * *
|
|
top
|
|
|
Uitgeverij
Averbode
Bezoek
de site van de uitgeverij
Op 4 januari 1920 rollen in de abdij van Averbode twee van de eerste
Belgische kindertijdschriften van de pers: Zonneland en Petits
Belges.
Foto's, humor en kleuren spelen snel een belangrijke rol. In 1929
verschijnt het eerste stripverhaal.
Het weekblaadje wordt onder pater De Kesel (Nonkel Fons) heel populair
in de vrije scholen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt Zonneland
gecensureerd, en zelfs een tijdje verboden. Maar de redactie gaat
clandestien door. Vanaf de jaren vijftig wordt Zonneland opgesplitst in
nieuwe tijdschriften, aangepast aan elke leeftijdsgroep.
In
1930 verschijnt het eerste
Vlaamse Filmpje, een wekelijks avonturenverhaal voor de jeugd. Hiermee
wil de uitgever Zonneland-lezers de stap laten zetten naar het boek. De Vlaamse
Filmpjes zijn altijd 32 bladzijden lang. Ze zijn goedkoop dankzij hun hoge
oplage - 60.000 in 1940. Vooral de geheimzinnige verhalen van John Flanders zijn
heel geliefd.
In
december 1958 wordt Zonneland opgesplitst in twee tijdschriften.
Zonnekind richt zich - eerst om de twee weken, later wekelijks -
tot de eerste drie leerjaren. Zonneland wordt het tijdschrift van de
laatste drie leerjaren.
In 1963 verschijnt
Prutske voor de kleuters. Het blijft onder die naam
slechts één jaar bestaan. De Goede Pers beslist om het tijdschrift in
het Frans, Engels en Duits uit te geven en kiest voor een nieuwe titel: Doremi. Het tijdschrift legt de nadruk op creatieve, affectieve en
psycho-motorische vaardigheden. Later verschijnt Doremi ook in het
Spaans.
In 1966 gaat G.P. Averbode verder met de opsplitsing van de
kindertijdschriften. Zonnestraal wordt het weekblad voor het derde en
vierde leerjaar. Zonneland richt zich voortaan alleen tot het vijfde en
zesde leerjaar.
Op 15 januari 1973 brengt G.P. Averbode
Top uit. Een jongerenmagazine
vol ontspanning, vorming en informatie. In 1995 wordt Top vervangen door
het schooltijdschrift iD.
In 1991 verschijnt het maandblad
Dopido voor kinderen van 2 en 3 jaar.
Het is volledig in kleur gedrukt op stevig kartonpapier. Elk nummer
biedt een verhaal, een praatplaat, een versje of liedje, een
identificatiespel, een doe-pagina en een strip rond bewegingsopvoeding.
In 1995 verschijnt
iD, het nieuwe halfmaandelijkse tijdschrift voor de
eerste graad van het secundair onderwijs.
|
|
top
|
|
|
|