|
|
|
|
Wetenswaardig
|
|
|
|
Jaar
1612
|
Jaar
1860
|
Jaar
1900
|
1
mei
|
Beiaard
|
Bijzondere
vloertegel
|
|
De
Grote Trek
|
Een
volks gebaar
|
Kaarskatten
|
Kerkhuisjes
|
Klokkentoren
| Tragedie
|
|
|
|
JAAR
1612
Moeder
Gods liet niet toe dat haar heiligdom vernield en straffeloos onteerd
werd en gaf een onbetwistbaar teken van haar macht tegenover de vijand.
Pater Geerard van Montenaken verhaalt in zijn historie van
Onze-Lieve-Vrouw van Maestricht dat een zekere Antoon Laenen, een
Hollands ruiter, voor de kapel kwam staan en spottend riep: "Gij
die degene zijt, die de mensen helpt en het gezicht terug geeft aan de
blinden, zie hier mijn paard, geef het zijn gezicht terug". Op
datzelfde ogenblik kreeg het paard het zicht terug, maar de ruiter zelf
werd blind...Later is de spotter tot inkeer gekomen; hij heeft zijn
wedervaren in het openbaar voor de bevolking en de stadhouders van Weert
bekend.
|
|
*
* * * * * *
|
|
JAAR
1860
Tot
1860 werden de binnenmuren van de basiliek gekalkt. Vanaf dan werden ze
geschilderd.
Een
eerste maal door Van Doorselaar van Mechelen, naar een ontwerp van
Samuel Coucke van Brugge. In een mengeling van kleur en goud werden
symbolische motieven aangebracht over Maria's deugden en eretitels. In
het gewelf bracht men 315 vergulde sterren aan.
|
|
*
* * * * * *
|
|
DE
TOREN
De
toren is onvoltooid! Op gravures uit de XVIIe eeuw wordt de toren
afgebeeld met een koepel. Waarschijnlijk zijn de financiële middelen
ontoereikend geweest. De lantaarn op de koepel is ook pas klaar gekomen,
nadat Philips IV van Spanje een buitengewone subsidie had verleend.
De
toren is ± 50 m. hoog en bestaat uit vier verdiepingen, die men langs
binnen over een stenen wenteltrap met 166 treden kan bereiken.
Achtereenvolgens komt men in de sacristie, de archiefkamer, de
uurwerkinstallatie en het klokkenhuis. In 1859 werd de toren door
steenkapper Baras van Diest bijgewerkt voor de schade die ze tijdens de
Franse revolutie had geleden bij het naar beneden storten van de
verbrijzelde klokken. De uurwerkinstallatie met drie wijzerplaten
(noord-, west- en zuidkant) werd in 1835 door Dekkers van Aarschot
aangebracht. In 1850-1852 werd een nieuwe horloge op de toren en de
lantaarn geplaatst door Joannes Premeau van Sarlandingen. De
electrificatie voor het luiden van de klokken werd in 1937 door Pauwels
van Putte bij mechelen geinstalleerd. Iedere wijzerplaat heeft een
diameter van 3,50 m. De grote wijzer meet 1,77 m., de kleine wijzer 1,28
m. en de cijfers 0,57 m.
|
|
top
|
|
*
* * * * * *
|
|
DE
BEIAARD
Sinds
11 mei 1980 beschikt de basiliek van Scherpenheuvel over een van de
mooiste beiaarden van België, een vier-octaafensemble van liefst 49
klokken, goed voor ruim 13.000 kg. Hiermee werd een erg welluidend punt
gezet achter de wensdroom van de kerkfabriek, en terug aangeknoopt met
een beiaardtraditie die teruggaat tot diep in de XVIIe eeuw. Voor
Scherpenheuvel hoeft het misschien niet aan de grote klok gehangen, maar
het feit blijft dat deze basiliek met de vier-octaafbeiaard een eervolle
15de plaats bekleedt op de indrukwekkende ranglijst van 175 Belgische
beiaarden.
Op
15 augustus 1980 werd de beiaard ingespeeld door Gaston Van Den Bergh,
beiaardier in Lier en Halle. Maar bij ons wordt er ook graag geluisterd
naar Pierre Ramakers, voor Scherpenheuvel een naam...als een klok! De
heer Ramakers behaalde de eerste prijs aan het Brussels conservatorium
en volgde les aan de Koninklijke Beiaardschool in Mechelen.
|
|
top
|
|
*
* * * * * *
|
|
JAAR
1900
Rond
1900 stonden langs de smalle paden vele mooie dennensoorten, waarin de
kinderen graag verstoppertje speelden.
Omstreeks
1913 werden de dennen omgehakt en vervangen door lindebomen. Zo heeft
men sinds eeuwen de uitdrukkelijke wens van de aartshertogen
geëerbiedigd, die in 1603 bepaalden dat de heuvel een "besloten
hof" moest worden, omgeven met hagen en beplant met bomen. De brede
weg die naar de basiliek leidt, werd in 1889 geplaveid en in 1938
vernieuwd. De weg werd van riolering voorzien in 1934, en van marmeren
plaveisel in 1938 en 1939, en verder afgewerkt met granietstenen uit
Soignies in 1958.
|
|
top
|
|
*
* * * * * *
|
|
DE
KERKHUISJES
De
kerkhuisjes bestonden zeker al in 1634, en waren wellicht zo oud als de
kerk zelf. De oorspronkelijke bestemming is onduidelijk. Ze waren
opgetrokken in een traditionele bak-en zandsteenarchitectuur. Maar
in de huidige vorm dateren ze van 1933-1935; toen werden ze kitscherig
aangekleed in een pseudo barokstijl. De kerkfabriek wil de twee
kerkhuisjes voor de basiliek wegbreken en vervangen door een aangepaste
nieuwbouw.
Eén
van de nieuwe kerkhuisjes fungeert straks als een kaarsenkapel, zodat de
huidige houten kaarsenkapellen kunnen verdwijnen. Het andere gebouwtje
wordt een onthaalcentrum waar de bedevaarders voor informatie over de
geschiedenis en de architectuur van de basiliek en de rest van het
Maria-oord terecht kunnen. Het is de bedoeling samen met de bouw van de
nieuwe huisjes ook de toegangslaan te vernieuwen en het bomenbestand in
het park te saneren en te verjongen. Voor de basiliek wil men een verbreed
plein creëren, afgebakend door de kerkgevel en de verbrede laangevels van
de kerkhuisjes. De toegangsweg zelf wil men versmallen en de versleten
lindenlaantjes weerszijden heraanplanten. Die laantjes lopen straks niet
meer dood tegen de zijgevels van de kerkhuisjes maar monden uit op het
nieuwe voorplein.
|
|
top
|
|
*
* * * * * *
|
|
1
MEI Traditioneel
zullen tijdens de nacht van 30 april op 1mei weer duizenden bedevaarders
opstappen, van heinde en ver, om tegen de vroege ochtend Scherpenheuvel te
bereiken. Deze massale bedevaartstocht vormt meteen het openingsgebeuren van
het bedevaartseizoen. Voor velen is deze nachtelijke wandeltocht een sportieve
prestatie, anderen zien het als een bezinningstocht. Noemenswaardig
dat vanaf 1976 de pers talrijk aanwezig was om de vechtpartijen, ruzies,
politieoptreden te komen verslaan. Pastoor Kortleven kreeg 's avonds in het
tv-journaal van de BRT de kans om duidelijk te stellen dat er in
Scherpenheuvel een verschil moet gemaakt worden tussen bedevaartplaats en
uitgangsbuurt.
|
|
top
|
|
*
* * * * * *
|
|
DE
GROTE TREK "De
grote trek", iedereen weet dat men hiermee de voettocht Antwerpen -
Scherpenheuvel bedoelt, is een muzikale sportieve Mariahulde van een eeuwige
jeugd, gehecht aan een geestelijk en lichamelijk evenwicht. De grote trek is steeds op
de eerste zondag van de maand mei. Deze 57 km lange
voetreis is geen pretje, maar dat schrikt de massa, die om 4 uur 's morgens
vertrekt (met of zonder regen, bijeenkomst om 3.45 uur aan de oude
Sint-Willebrorduskerk in Berchem) niet af. Antwerpen en omgeving leveren
uiteraard het grootste aantal deelnemers, want daar kent bijna iedereen de
initiatiefnemers vader en zoon Lamquet persoonlijk. De tocht is echter ook in
Oost- en West-Vlaanderen bekend, en er zijn ook deelnemers uit Scherpenheuvel
zelf. Die laten zich de avond voordien per autobus naar Antwerpen voeren. De
optocht is geen administratie met inschrijvingen en formulieren: de baan is
tenslotte kosteloos en vrij voor iedereen. Men gaat mee op eigen
verantwoordelijkheid. Men brengt eer aan de jeugdbeweging door zo mogelijk in
uniform of kledij van die beweging mee te gaan (eens scout, altijd scout). De
eerste halte is voorzien om 6.30 uur in Lier, waar een eucharistieviering
plaatsvindt, waarna ontbijt en koffie klaarstaan. Vertrek in Lier om 8 uur, en
aan komst in Aarschot om 12.45 uur (middagmaal, knapzak meebrengen), waar aan
voetverzorging en verfrissing wordt gedacht, want de Rode-Kruishulpdienst
staat paraat. Vertrek uit Aarschot om 14 uur naar Scherpenheuvel, en een
triomfantelijke intocht in Scherpenheuvel rond 16.15 uur, met
dankzeggingsgebeden en massazang, Onze-Lieve-Vrouw ter ere. De terugtocht
gebeurt per autobus.
|
|
top
|
|
*
* * * * * *
|
|
EEN
VOLKS GEBAAR Het
"geld gooien" wordt door velen niet goed begrepen. Al eeuwenoud is
in Scherpenheuvel het gebruik om een offergift te werpen op de trappen van het
hoogaltaar. Een eerste voorbeeld werd gegeven door de aartshertogen, die bij
elk bezoek aanzienlijke sommen offerden. Nu,
eeuwen later komen de bedevaarders in de basiliek tot voor het altaar en
gooien geld op de trappen van het altaar. De meeste gooien muntstukken, de
traditie wil dat het gehoord wordt. Het moet klinken, alsof men een
voorbeeld wil stellen voor anderen en alsof men de boodschap wil doorgeven van
de aartshertogen. Het is een opvallend en eigenaardig gebruik. Hier gooien de
armen het geld; hier is weggooien van het "slijk der aarde" dat ons
leven vaak in zijn greep heeft, maar dat zeker niet de belangrijkste waarde is
en het is tevens zich iets ontzeggen, een vorm van boete doen. Terzelfder
tijd maakt men gebruik van "rond het altaar gaan" of "rond de
basiliek gaan". De tocht van thuis naar Scherpenheuvel eindigt in en rond
de basiliek. Sommigen gaan drie keer rond het altaar en basiliek, anderen
zeven keer. Ze gaan rond in de richting van de zon, maar sommigen gaan in
tegengestelde richting rond het altaar, als ze dringend iets willen
verkrijgen. Vaak raken de bedevaarders tijdens de rondgang het marmer van het
altaar aan. Die aanraking is een vorm van contact met het genadebeeld. Soms
doen ze dat met de hand, soms met hun paternoster. Dit laatste houdt
waarschijnlijk in dat ze een zegen vragen en die in hun paternoster willen
meedragen naar huis. Het is merkwaardig dat die aanraking gebeurt aan de kant
van het altaar waar het evangelie gelezen wordt. Deze omgang van het altaar en
basiliek komt in alle godsdiensten voor. De moslims gaan rond de
"ka'aba" in Mekka, de boeddhisten rond de "stùpa's", de
Tibetanen rond de tempels.
|
|
top
|
|
*
* * * * * *
|
|
DE
KAARSKATTEN Deze
spotnaam houdt verband met het verkopen van kaarsen in Scherpenheuvel zelf;
Tot voor 50 jaar waren de verkoopsters of kaarskatten nog talrijk in het bedevaartoord. Niet alleen verkochten ze kaarsen, maar ze knapten tegen
betaling
ook allerlei karweitjes op voor de bedevaarders; zelfs op de knieën rond de
kerk kruipen, de kruisweg doen, en missen bijwonen.. Zij verkochten ook
devotie-artikelen waarmee zij de pelgrims lastig vielen tot in het portaal van
de kerk toe. Deze opdringerigheid deed de bezoekers zeggen: "Hier wordt
men besprongen door kaarskatten". In 1924 greep de kerkraad in, er
mochten voortaan geen kaarskatten meer bijkomen; de oudere mochten wel
voortdoen, maar zij waren de laatsten. De echte kaarskatten vielen op door hun
grote kapmantel. De laatste kaarskat heette Dorothea Nijs, geboren en getogen
in Scherpenheuvel, en overleden op 2 juli 1960.
[links op de foto enkele kaarskatten]
|
|
top
|
|
*
* * * * * *
|
|
18
FEBRUARI 1988 "EEN TRAGEDIE"
Omstreeks
4.45 uur reed woensdagmorgen de werkloze metaalarbeider H.C. uit Bekkevoort
met zijn auto tegen hoge snelheid (men spreekt van 160 km per uur) de
Onze-Lieve-Vrouwebasiliek van Scherpenheuvel binnen.
Hij
overleefde het ongeval niet. In de basiliek werd zware schade aangericht. Hij
reed de glazen toegangsdeur aan diggelen en vervolgens de zware gietijzeren
deur die het portaal van de kerkruimte scheidt. Er werden verschillende
stevige eiken zitbanken vernield, hij ramde de communiebank en kwam net voor
het altaar tot stilstand. Bij het ongeval raakte ook het XVIIe eeuwse
schilderij van het hoogaltaar toegeschreven aan Theodoor Van Loon beschadigd.
In Scherpenheuvel is men nochtans verheugd dat het Mariabeeldje niet werd
geraakt. De herstellingswerken zullen duur uitvallen. De basiliek is een
beschermd monument dat in zijn oorspronkelijke staat moet worden hersteld. Het
is de vierde keer dat er een auto in de basiliek van Scherpenheuvel binnen
reed.
|
|
top
|
|
*
* * * * * *
|
|
EEN
BIJZONDERE VLOERTEGEL IN DE BASILIEK
Velen
onder u hebben weleens met bewondering staan kijken naar het prachtige
patroon in stervorm van de vloer in de basiliek...doch weinige hebben
bemerkt dat er één speciale tegel is aangebracht, meer bepaald links
bij de zwartmarmeren communiebank voor het hoofdaltaar.
Sinds
1880 bevindt zich hier het "hart" van graaf Charles Dominique
T'Serclaes de Wommersom vervat in een vloertegel. Deze graaf die
gouverneur van Limburg en Oost-Vlaanderen was stond bekend om zijn grote
devotie voor Onze-Lieve-Vrouw van Scherpenheuvel. Zijn lichaam werd in
de familiekelder in Wommersom bijgezet, maar hij vroeg in zijn testament
dat zijn hart in een ijzeren koffertje in de basiliek zou rusten.
|
|
top
|
|
|
|